Neri: terug naar de Etna, met een Amerikaans fortuin

Meer dan een eeuw geleden keerde Vincenzo terug naar Linguaglossa, aan de noordoostkant van de Etna, na een tijd in Amerika te hebben gewerkt. Hij twijfelde niet: zijn toekomst lag bij de vulkaan. Met het fortuin dat hij overzee had opgebouwd, kocht hij grond om zijn eigen landbouwbedrijf te beginnen.

Vandaag, vier generaties later, bewerkt de familie Neri nog altijd hetzelfde land: iets meer dan negen hectare, verdeeld tussen de contrada's Arrigo en Borrigliona, op zo'n 600 meter hoogte. De vulkanische bodem, zwart en mineraalrijk, is precies waar Vincenzo destijds op vertrouwde.

Vijf hectare wijn, vier hectare olijven

Van de negen hectare is iets meer dan de helft wijngaard, de rest olijfgaard met de lokale Nocellara dell'Etna. De familie werkt niet-intensief en biologisch, en houdt vast aan handmatige oogst van zowel de druiven als de olijven, zoals het al generaties gaat.

Op de wijngaarden staat vooral Nerello Mascalese voor de rode en rosé wijnen, aangevuld met Carricante en Catarratto voor de witte. Alle drie zijn druiven die van oorsprong op de Etna thuishoren.

Het oude palmento

Op het landgoed staat een palmento, een traditioneel Siciliaans persgebouw waar vroeger de druiven met de voeten werden getreden. Tegenwoordig doet het dienst als vatenkelder, waar de wijn rijpt in barriques. Volgens de familie helpt klassieke muziek daarbij, een traditie die al generaties wordt volgehouden.