Stellenbosch, zo'n vijftig kilometer ten oosten van Kaapstad, is waar de moderne Zuid-Afrikaanse wijnbouw is begonnen en nog altijd het meest gerespecteerde adres van het land.
Een vallei omringd door bergen
De streek wordt aan bijna alle kanten ingesloten door bergketens: de Simonsberg, de Helderberg en de Stellenbosch Mountain zelf. Die bergen doen twee dingen tegelijk. Ze bieden beschutting tegen de felste wind en zon, en ze zorgen voor enorme verschillen in hoogte en expositie binnen een klein gebied, waardoor de ene wijngaard heel anders rijpt dan de andere, ook al liggen ze maar een paar kilometer uit elkaar.
In de zomer waait vaak de Cape Doctor door de vallei, een stevige zuidoostenwind die zijn bijnaam dankt aan het effect: hij houdt de wijngaarden droog en drukt schimmeldruk naar beneden, wat minder ingrijpen in de wijngaard nodig maakt.
Cabernet Sauvignon als visitekaartje
Van alle Zuid-Afrikaanse streken heeft Stellenbosch de sterkste reputatie opgebouwd met Cabernet Sauvignon. De combinatie van warmte overdag, koelte van de bergen en berglucht 's nachts, en een keur aan bodems, van graniet tot zandsteen, geeft de druif de tijd en de omstandigheden om vol te rijpen zonder zijn frisheid te verliezen. Syrah en Chenin Blanc doen het er ook goed, maar het is Cabernet Sauvignon waar de streek internationaal vooral om bekendstaat.