Toro ligt zo'n honderd kilometer ten westen van Ribera del Duero, aan dezelfde rivier de Duero, maar met een net iets lager en warmer klimaat. Dat verschil lijkt klein op de kaart, maar is in het glas goed te proeven.
De druif heet hier Tinta de Toro, weer dezelfde Tempranillo als in Rioja en Ribera del Duero, maar in Toro wordt hij het meest geconcentreerd: hoger alcoholpercentage, donkerder fruit en meer body dan zijn familieleden verderop.
Stokken die de druifluis nooit bereikte
Eind negentiende eeuw verwoestte de wijnluis phylloxera vrijwel alle wijngaarden van Europa. De remedie was, en is nog steeds, het enten van de Europese wijnstok op resistente Amerikaanse wortels. De zanderige bodem van Toro was voor dat insect ongeschikt om zich te verspreiden, waardoor een deel van de wijngaarden hier nooit is aangetast.
Dat betekent dat er in Toro nog stokken op eigen wortel staan, zonder Amerikaanse onderstam, sommige meer dan honderd jaar oud. Die oude, wortelechte stokken geven van nature weinig druiven, maar wat ze geven is geconcentreerd en diep van smaak.
Wat wij in Toro zoeken
Het risico in Toro is een wijn die vooral kracht laat zien: hoog alcoholpercentage, veel hout, weinig venijn. Wij zoeken makers die die kracht in bedwang houden en het zuur en de frisheid overeind laten, ook al vraagt het klimaat daar niet vanzelf om.